29 november 2016

We ontwikkelen een nieuwe werkwijze, brengen het als kant-en-klaar pakket op de markt, geven een training aan sociaal werkers en zij gaan ermee aan de slag. Is het zo simpel? Nee, zo blijkt uit de publicatie ‘Implementeren in het sociale domein'.

Overal in Nederland worden nieuwe werkwijzen en methoden ontwikkeld om een antwoord te bieden op het nieuwe werken. Maar hoe vinden deze vernieuwingen hun weg naar de praktijk? De Werkplaatsen Sociaal Domein werkten de afgelopen jaren aan de opdracht van het ministerie van VWS om samen met het werkveld innovaties te implementeren. In ‘Implementeren in het sociale domein’ beschrijven zij van negen implementatietrajecten de processen, succesfactoren en knelpunten. Movisie is op haar beurt de literatuur ingedoken en beschrijft de theorieën over implementatie.

Hand in hand

De literatuur beschrijft implementatie als één van de afzonderlijke fasen in een innovatiecyclus. Dit blijkt niet altijd op te gaan in de praktijk. Movisie-onderzoeker Nada de Groot: ‘Uit de casusbeschrijvingen komen drie vormen van implementatie naar voren: implementatie van ‘afgeronde’ innovaties, proefimplementatie en co-creatieve implementatie. Het klassieke denken gaat uit van een ‘kant-en-klare’ vernieuwing die stapsgewijs wordt uitgerold in de organisatie. De praktijk van de Werkplaatsen Sociaal Domein is dynamischer dan dat. Veel werkplaatsen innoveren samen met professionals en andere betrokkenen en passen die tegelijkertijd al toe in de praktijk. Ontwikkeling en implementatie gaan zo hand in hand.’

Eigen werkwijze

Innovatie én implementatie in co-creatie dus. Een voorbeeld is een leer/werk-onderzoekstraject met sociale wijkteams. Erna Hooghiemstra, lector van Avans Hogeschool en de Werkplaats Sociaal Domein Noord-Brabant Avans: ‘Wijkteams wilden een manier van werken vinden waarmee ze de gedachte van eigen kracht in de praktijk konden brengen. We haalden kennis op en brachten die weer bij de wijkteams terug. Hierdoor staat de werkwijze heel dicht bij de praktijk.’ Ina Tilma, docent en onderzoeker van Avans Hogeschool vult aan: ‘Je ziet dan dat professionals gemotiveerd zijn om volgens die manier te werken, de werkwijze wordt als meer ‘eigen’ gezien.’


Van links naar rechts: Nada de Groot, Erna Hooghiemstra en Ina Tilma

GET-lab

Dat co-creatie bij implementeren een belangrijke rol speelt, laat ook het Gezondheid en Technologie Lab (GET-Lab) van de Werkplaats Sociaal Domein Noord-Brabant Avans zien. Dit is een plek die draait om het experimenteren en ervaring opdoen met zorgtechnologie. Zoals een robot-huisdier of een systeem met een groene of rode knop waarmee ouderen kunnen aangeven of het goed of slecht met hen gaat. ‘Professionals, docenten en studenten zijn mensgericht en vragen zich vaak af wat de techniek aan hun werk toevoegt. Het GET-Lab laat hen dat zelf ervaren’, vertelt Hooghiemstra. ‘De feedback die we krijgen wordt gebruikt om het lab verder te ontwikkelen. Het lab heeft uiteindelijk als doel een bijdrage te leveren aan het implementeren van zinvolle zorgtechnologie.

Ambassadeur

‘Bij implementeren in co-creatie is het van belang te investeren in de relatie tussen alle betrokkenen, zodat iedereen op gelijkwaardige basis meedoet’, zegt Tilma. ‘Ook is het belangrijk om een implementatieplan op te stellen, met randvoorwaarden, verwachte succesfactoren en een gezamenlijk doel. Soms is niet iedereen bereid om te leren, dan moet je daar eerst iets aan doen.’ De Groot: ‘De één staat te springen om op een andere manier te werken, de ander is meer behoudend. Een enthousiaste collega kan dan bijvoorbeeld worden ingezet als ambassadeur, zodat deze anderen kan meenemen in de verandering.’ Toch is implementeren in co-creatie niet het wondermiddel, benadrukt Hooghiemstra. ‘Soms vraagt het gewoonweg teveel tijd en ruimte om zo intensief met elkaar aan de slag te gaan.’

En nu?

Co-creatie is één van de pijlers van de Werkplaats Sociaal Domein Noord-Brabant Avans, de werkplaats blijft dus actief in co-creatieve implementatietrajecten. ‘Een mooi voorbeeld is het Learning Lab in Tilburg waarin studenten, docenten en professionals samen werken aan het nieuwe werken in de wijk’, vertelt Tilma. De Groot: ‘Als vervolg op het boek ‘Implementeren in het sociale domein’ gaat Movisie verder met het beschrijven van good practices en zijn we bezig met een quickscan die organisaties kan helpen bij het schrijven van een implementatieplan. Ook is er een Wat werkt-dossier over implementatie in de maak, waarin de werkzame factoren van implementatie op een rij worden gezet.’

Verder lezen

‘Implementeren in het sociale domein’ is een product van de Werkplaatsen Sociaal Domein en Movisie. Download en/of bestel de publicatie. Meer informatie: Nada de Groot (n.degroot@movisie.nl of 030 789 22 52) of Erna Hooghiemstra (btj.hooghiemstra@avans.nl of 06 37 43 39 28).

Dit artikel verscheen eerder in MOVISIES 28, het relatiemagazine van Movisie.

Vorm, inhoud en relaties

De Werkplaatsen hebben drie kenmerkende krachtlijnen: vorm, inhoud, en relaties. Het samenspel tussen deze drie is cruciaal.

Meedoen

Houdt uw hogeschool of lectoraat zich ook actief bezig met innovatie en evaluatie van werkvormen voor de sector zorg en welzijn? Lees dan snel hoe u bij de Werkplaatsen Sociaal Domein kunt aansluiten.  

Nieuwsbrief